Nathalie Matteau

& les hommes perdus

Nieuwe zangeres uit oude tijden

Nathalie Matteau

Klein, frêle, uit andere tijden. Die indruk laat de Canadese zangeres Nathalie Matteau na. Bijna twee jaar geleden kwam ze voor het eerst naar Nederland, dit jaar wil ze zich er voorgoed vestigen. Om haar artistieke credo uit te dragen: terugkeer naar de artistieke jaren twintig en dertig van de vorige eeuw. Met een machtig stemgeluid lijkt dat zeker te gaan lukken.

door Rinus van der Heijden

Een kennis kwam tijdens een feestje met de tip. “Ken je Nathalie Matteau? Nee? Moet je zeker eens naar luisteren.” Eén tip van de tientallen die muziekjournalisten jaarlijks bereiken. Enkele dagen later lag er een cd in de brievenbus: Nathalie Matteau & Les Hommes Perdus: ‘Bloody Hands in Love’. En ja, een gouden tip is wat overdreven, maar een goede mocht-ie zeker worden genoemd. Want de Canadese paart een intrigerend stemgeluid aan een repertoire dat uitgestorven leek, maar door haar nieuw leven wordt ingeblazen.

Het repertoire op ‘Bloody Hands in Love’ en ook dat van haar optredens wortelt grotendeels in de jaren twintig en dertig van de vorige eeuw, toen in Duitsland de muziek van Kurt Weill en Bertold Brecht hoogtij vierde. Nathalie Matteau voegt er eigentijdse invloeden aan toe, zoals die van broeierige nachtclubs, jazz, cabareteske liederen, circushoempa en soms ook, klassiek. Echter ook elementen van vocale buitenbeentjes als Tom Waits en Jacques Brel. En naar sommigen zeggen van Edith Piaf, maar van deze legendarische zangeres heeft ze meer het voorkomen en de performance. Op ‘Bloody Hands in Love’ staan twaalf prachtige liederen, in het Engels, Duits, Frans en gedeeltelijk Nederlands. ‘Chansons noires’ (Zwarte liedjes) noemt Nathalie Matteau ze. Haar lage stem kleurt alle nummers, waarbij het opvalt hoe mooi ze naar het hoog kan reiken. Ze klinkt dan breekbaar bijna, trillerig, maar altijd standvastig.

De schaduwkant van het leven, dat spreekt de Canadese zangeres aan. “Ik heb iets met de donkere kant van het leven”, zegt ze. “Ik schrijf zelf teksten en muziek. Die teksten zijn vaak ‘damned’, ze gaan over dood, liefde, bedrog, jaloezie, afscheid, eenzaamheid. In die duisternis zit schoonheid. Iedereen herkent dat. Ik lees zelden iets luchtigs, maar ik houd wel van het leven, anders zou ik niet doen wat ik nu doe. Ik stop vrolijkheid, energie en levenskracht in de muziek, hoewel alles in mineur staat. Maar er is ook passie, er wordt niet bij de pakken neergezeten. Mijn teksten mogen droevig zijn, ze bieden wel troost.”

Oisterwijk Dat laatste blijkt bij optredens. Vorig najaar verzorgde Nathalie Matteau met haar band een concert in Tiliander in Oisterwijk, zo een waarbij alles mis ging. Maar de muziek bleef overeind en raakte het publiek, dat na afloop in groten getale op haar toestapte. “Na de optredens komen vooral vrouwen op me af. Zij identificeren zich met mij.” Vriendelijk lachend maakte de zangeres in gebroken Nederlands praatjes met iedereen. Nederlands, de taal die ze wil leren, want ze wil zich na een aantal heen-en-weerreizen naar Canada nu definitief in Nederland vestigen. Naar haar mening een mooie plek in Europa, waar getuige haar repertoire haar muzikale wortels liggen.

“Al op jonge leeftijd was ik geïnteresseerd in de jaren twintig en dertig van de vorige eeuw”, vertelt Nathalie Matteau. “Die jaren tussen de wereldoorlogen waren stijlvol, creatief op het gebied van muziek, kunst en mode. Alles was nieuw in die tijd. Ik herinner me de film ‘Der Blaue Engel’ op televisie, het gezicht van Marlene Dietrich, wow!” Het ligt daarom voor de hand dat ze uitkwam bij Kurt Weill en Bertold Brecht, makers van duistere bijna ondefinieerbare muziek die in die tijd een nieuw tijdperk inluidde en een dat definitief voorbij was, afsloot. En als je het dan hebt over Weill en Brecht, dan kom je niet om Lotte Lenya heen, hun ‘huis’zangeres die met haar diffuse, bijna angstaanjagende stemgeluid de Duitse liedkunst tussen de twee wereldoorlogen tot een uniek niveau verhief. De opera ‘Aufstieg und Fall der Stadt Mahagonny’, daar moet Nathalie Matteau vaak naar geluisterd hebben, want anders kun je niet verklaren hoe zij het nihilistische van deze muziek zo dicht kan benaderen.

De sfeer die Nathalie Matteau creëert, krijgt vorm door de band die zij rond zich heeft verzameld: Les Hommes Perdus (De verloren mannen). Niet alleen door ieders individuele kwaliteiten, ook door het instrumentarium waarvoor is gekozen. Naast slagwerker Kees Swanenberg spelen Michaël Breukers op accordeon en piano, Leon van Egmond op trombone, alttrombone, melodica en mondharmonica, Peter Dupont op bas- en altsaxofoon en Erik Potters op tuba.

Montreal Nathalie Matteau is zangtechnisch nauwelijks geschoold. Op 16-jarige leeftijd volgde ze in Montreal twee jaar klassieke zangtraining aan de École de Musique Vincent d’Indy. Nadien deed ze auditie voor een klassieke opleiding aan de McGill Universiteit in Montreal, waar ze werd aangenomen. “Ik bleef er echter maar een jaar, ik twijfelde al snel of klassiek wel mijn ding was. Ik luisterde naar popmuziek en was geïnteresseerd in acteren. Ik voelde me gewoon niet vrij genoeg in klassieke muziek. Het was echter wel een goede opleiding: ik maak nog altijd gebruik van zaken die ik daar leerde, zoals mijn ademtechniek. Bovendien zit de discipline van toen er nog in.”

Nadat ze de universiteit had verlaten, ging ze van alles doen. Zingen en ook acteren. “Ik was zo onder de indruk van de klassieke wereld, dat het lang duurde voor ik in mezelf geloofde. Acteren was voor mij compensatie voor zingen.” In die hoedanigheid was Nathalie Matteau verbonden aan de film ‘Heist’ met Gene Hackman, waarin ze de stand-in was van actrice Rebecca Pidgeon. Uiteindelijk koos ze echter volledig voor een zangcarrière. In Canada ontwikkelde ze haar repertoire, met zo op Europa gerichte muziek.

Niet verwonderlijk dat ze bijna twee jaar geleden verkoos naar de oude wereld af te reizen. Eind deze maand is ze voor de vijfde keer terug in Nederland, om er wellicht voorgoed te blijven. De eerste keer kwam ze in mei 2008, nadat ze zelf een aantal optredens had geboekt. De zangeres kwam in contact met de Bossche band Straf, in het bijzonder met slagwerker Kees Swanenberg uit Oisterwijk. Hij tipte een aantal musici, via internet zocht Nathalie Matteau contact met hen, stuurde hen haar muziek toe en het begin was gemaakt. Sindsdien is Brabant haar thuishaven als ze in ons land verblijft. “Na Nederland wil ik me op Duitsland, Frankrijk en België richten”, droomt ze hardop.

Monkeyman Elke keer als ze in Nederland is, verzorgt ze tien tot twaalf concerten. “Ik doe veel zelf: managing, boekingen – “Sinds kort zorgt Monkeyman hiervoor” - de productie van de cd en de band leiden. De arrangementen ontstaan echter in samenwerking met haar musici. “Ik lever de teksten, de melodie, akkoorden en zeg hoe ik het wil. Samen werken we dan aan de arrangementen. De muziekwereld is er een van mannen, maar ik denk daar nooit aan. Ik richt me altijd op de zaken die ik interessant vind en doe wat elke muzikant – man of vrouw – moet doen: werken. Ik denk ook niet dat ik een vrouw in de muziek ben, ik ben gewoon musicus. Wel vind ik het daarbij heerlijk om met mannen te werken, zo lekker simpel!”

De cd ‘Bloody Hands In Love’ wordt gedistribueerd door Sonic Rendez-Vous.

photo © Brendan van den Breuken